Het milieu in Nederland staat onder grote druk

Het milieu in Nederland staat onder grote druk door de jaarlijkse uitstoot van onder meer ammoniak en broeikasgassen. Deze stoffen zorgen ervoor dat de natuur wordt aangetast en dat ons land de klimaatdoelen van Parijs moeilijk kan halen.

Omdat Nederland een dicht bevolkt land is waar wonen, industrie, veeteelt, landbouw en recreatie op een zeer kleine oppervlakte plaatsvindt, is het ontzettend lastig om te voorkomen dat de natuur teveel wordt aangetast.

De overheid probeert met tal van maatregelen die uitstoot van schadelijke stoffen te verminderen. Deze maatregelen zijn uiterst kostbaar en hebben veel impact op het leven miljoenen Nederlanders. Helaas is de positieve invloed op het milieu en klimaat vooralsnog relatief beperkt.

  • Het Nederlands Centrum voor Mestverwaarding (NCM) geeft aan dat het te verwerken overschot aan stikstof in dierlijke mest in 2019 37,9 mln kg bedroeg. De benodigde mestbewerkingscapaciteit zou door toekomstige wijzigingen in het mestbeleid verder kunnen toenemen tot 83 à 100 mln kg stikstof in 2030.
  • Het kabinet heeft vorig jaar in de Stikstofwet vastgelegd dat in 2030 50% van de stikstofgevoelige natuur onder de kritische depositie waarde (KDW) voor stikstof moet komen. Voor de landbouw betekent dit een opgave voor de reductie van ammoniakemissie van 25%. Dit komt overeen met 29 kton NH3.
  • In het Klimaatakkoord is een specifieke doelstelling voor de landbouw opgenomen voor de reductie van 1,0 Mton CO2-eq via de reductie van methaanuitstoot uit vee en mest.

DFS focust zich in eerste instantie op de realisatie van 300 DEPUR installaties op bedrijven met een mestproductie van meer dan 5000 m3. DFS levert hiermee een bijdrage aan het realiseren van maatschappelijke doelstellingen:

  • Mestbewerking stikstof uit dierlijke mest: 7-12 mln kg stikstof; Dat is circa 10% van de totale capaciteitsbehoefte aan mestbewerking.
  • Reductie ammoniakemissie: 3-5 mln kg ammoniak (NH3); dat is 10-20% van de reductiedoelstelling van 29 mln kg NH3 voor de landbouwsector in 2030.
  • Reductie broeikasgassen: 0,2-0,3 Mton CO2-eq; dat is 20-30% van de reductiedoelstelling in 2030 voor de landbouw voor methaanreductie van 1 Mton CO2-eq.

Voor de realisatie van 300 DEPUR installaties is een investering van circa €180 mln nodig en levert op de betreffende veehouderijen een emissiereductie van ammoniak en methaan van 90%. Ter vergelijking: het saneren van 300 bedrijven in de lopende en aangekondigde saneringsregelingen (Saneringsregeling varkenshouderij, Opkoop piekbelasters en Landelijke beëindigingsregeling) zou de Staat volgens berekeningen van het PBL ongeveer €500 mln kosten.

Daarnaast wordt het leefklimaat op de boerderij beter, zodat er minder overlast is voor de omgeving, het stalklimaat en dierenwelzijn verbetert, en is er minder risico is op stalbranden door minder gebruik van luchtwassers. Mesttransporten kunnen worden teruggedrongen, dus minder vervuilend vrachtverkeer op de wegen, het vrijkomend water kan gebruikt worden voor irrigatie (besparing bodem- of oppervlaktewater) of ten behoeve van schoonmaak op het erf of van de stallen (besparing drinkwater).