Het is gelukt!

“Het is gelukt! Voor 15 juli 2020 heeft DFS met twee varkenshouders in Limburg en twee varkenshouders in Noord-Brabant een contract gesloten voor de levering van een nieuwe mestverwerkingsinstallatie, de DEPUR”. De datum is belangrijk, omdat voor 15 juli 2020 de subsidieaanvraag moest worden ingediend. Het is mogelijk dat de boer voor een substantieel deel van zijn investering, subsidie kan ontvangen. DFS heeft deze varkenshouders geholpen door in nauwe samenwerking met de boeren, de architect, de toeleveranciers ‘de papieren’ in orde te maken. En wij zijn het subsidieadviesbureau Uniresearch uit Delft buitengewoon erkentelijk dat zij deze aanvragen hebben opgesteld en ingediend”, aldus Erwin de Groot, algemeen directeur van DFS.

Beschrijving van het DEPUR systeem van Dutch Farmer Solutions BV

Inleiding
Dutch Farmer Solutions richt zich op brongerichte verduurzaming bij varkenshouderijen met behulp van een innovatieve en duurzame techniek “DEPUR Installatie”. De DEPUR  Installatie bestaat uit twee onderdelen; MPI (Manure Proces Installation) en de LSTI (Lease Service Technical Installation). Het proces en de installatie zorgen ervoor dat de vorming en emissie van broeikasgassen, stikstofhoudende verbindingen, geur en fijnstof op varkenshouderijen zoveel mogelijk wordt voorkomen. Hiermee wordt een belangrijke bijdrage geleverd aan de doelstellingen van het klimaatakkoord, stikstofemissiereductie en verbetering van het dierenwelzijn en de volksgezondheid.

Om haar concurrentiekracht te behouden en te versterken, zal de Nederlandse varkenshouderij moeten veranderen. Het is hiervoor noodzakelijk om het verdienmodel te verbeteren. Een belangrijke kostenpost voor varkenshouders vormen de kosten voor mestverwerking. Door gebruik te maken van de DEPUR-technologie zal externe mestverwerking overbodig worden, de kosten voor varkenshouders dalen en hun economisch en milieutechnisch perspectief verbetert.

Het proces biedt een integrale en totale oplossing (zie figuur 1) en kenmerkt zich in:

  • het verkrijgen van een mineraalrijke vaste mest (te gebruiken als compost of voor bemesten) en schoon, loosbaar water als enige resulterende materialen;
  • een significante verbetering van het stalklimaat door verbetering van het stalsysteem en daarmee dierenwelzijn;
  • het voorkomen van (de vorming van) schadelijke emissies. Meer dan 90% verlaging van schadelijke emissies (waaronder methaan en ammoniak) en meer dan 60% geur en fijnstof ten opzichte van de normstal;
  • het verbeteren van het  economisch perspectief voor de varkenshouderij doordat er geen kosten meer zijn voor externe mestverwerking.

Depur beschrijving
Het mestverwerkingsproces van Dutch Farmer Solutions (DFS) is een integraal concept dat bestaat uit een aantal innovaties op het gebied van het stalsysteem, de mestscheiding en de verwerking van de dunne mestfractie tot water (zie Afbeelding).

DFS

Stalsysteem
Het stalsysteem wordt verbeterd door een systeem te ontwikkelen waarbij de drijfmest wordt verdund en frequenter uit de stal wordt verwijderd door gebruik van schoon water, afkomstig van de verwerking van de dunne mestfractie (zie Figuur 1). Het verdunnen van de drijfmest (mestopvang in water) en de kortere verblijftijd in de stal zullen leiden tot een significante brongerichte reductie van ammoniak en andere schadelijke stoffen in de stal. Het verbeterde stalklimaat draagt bij aan een verbeterd dierenwelzijn.

Mestscheiding
Drijfmest heeft een droge stofgehalte van 15-20%. In het algemeen zitten vleesvarkens rond de 15%. Drijfmest wordt vaak opgeslagen in drijfmestsilo’s waar het in een dunne en dikkere fractie uitzakt. Ammoniak wordt met name gevormd door de reactie tussen de feces en urine. Om deze reactie te voorkomen is het zaak om de drijfmest zo snel mogelijk en zo goed mogelijk te scheiden in een dikke mestfractie en een dunne mestfractie.

Installatie

Remko van Buren, architect, heeft onder andere het Hoofdkantoor van Irdeto in Hoofddorp gebouwd. “Over ons eerste ontwerp voor dit kantoor, zei de CEO van het bedrijf: ‘dat lijkt veel te veel op een kantoor. Wat ik wil is een kantoor met de sfeer van een huiskamer’. Terug naar de tekentafel. En op het eindresultaat ben ik best een beetje trots!”.

Het ontwerp van de Depur moet niet alleen voldoen aan de technische eisen, maar moet ook esthetisch passen bij de boerderij en het landschap. “Dat is nog best een uitdaging”, aldus Van Buren en vervolgt: “Het eerste ontwerp is nu afgerond en wij hopen, ondanks de bouwvakvakantie, dat op korte termijn kan worden begonnen met de bouw. Nu zijn wij drukdoende met de overige drie ontwerpen”. Ook moet alle vergunningen op orde zijn. Maar de medewerking van gemeenten is, ik kan niet anders zeggen: ‘optimaal’!“.

Verkoop

Tot nu toe hebben 94 rundveeboeren en varkenshouders daadwerkelijk interesse getoond in de nieuwe mestverwerkingsinstallatie (de DEPUR) van DFS. Met de meeste boeren heeft Hein Stam, lid van het MT van DFS, gesproken. Om de verkoopprocessen overzichtelijk te houden heeft DFS een nieuw CRM-systeem ‘Salesforce’ in gebruik genomen. En dat gaat verder dan de NAW-gegevens van de relaties in te vullen. Welisa, één van de partners van Salesforce in Nederland, is al enige tijd bezig het CRM- systeem aan te passen aan de wensen van DFS. Naast de voortgang van verkopen en het relatiebestand wordt nu ook de software gemaakt om het onderhoud van de DEPUR bij te kunnen houden, alsmede alle research inzichtelijk te houden. Oscar van Leeuwen van DFS heeft bijna een dagtaak niet alleen om de data naar behoren bij te houden, maar ook door het volgen van talloze Webinars van Salesforce.

Provincie

Tot zijn spijt was de heer Hubert Mackus, Gedeputeerde van de Provincie Limburg, verhinderd (bespreking Voorjaarsnota van de Provincie) de bijeenkomst van ‘de schop in de grond’ bij de varkenshouders Aad en Arjan van Leeuwen (Ons Boerenerf in Nederweert bij te wonen. Op zijn verzoek hebben Oscar van Leeuwen en Pam Evenhuis , adviseur/woordvoerder DFS, een bezoek gebracht aan het Provinciehuis in Maastricht en aan de desbetreffende beleidsambtenaren zijn de plannen van DFS uiteengezet. Er is afgesproken de Provincie periodiek op de hoogte te houden van alle voortgang van de activiteiten van DFS in Limburg, niet in het minst omdat er wellicht nog subsidiemogelijkheden zijn…

"Grote ambities met nieuw type mestverwerker”

Tijdschrift de Boerderij heeft een informatie artikel geplaatst over ‘de schop in de grond. U kunt zich voorstellen dat wij maar één reactie hebben: “zeer lezenswaardig”. Een nieuw type mestverwerker doet zijn intrede op Nederlandse veebedrijven. De troef van de ambitieuze ontwikkelaar Dutch Farmers Solutions is: verlaging van emissies. Keerzijde: de stikstof ben je kwijt als meststof. Zes installaties staan nu op stapel. Het doel: 1.500. Een nieuwe speler in de mestverwerking met een voor Nederland nog niet zo bekend procedé en een nieuw bedrijfsmodel. Vrijdag 26 juni was de aftrap van de bouw van een verwerker van Dutch Farmer Solutions (DFS) bij varkenshouderij Van Leeuwen in Nederweert-Eind.

"Deze intensieve samenleving heeft intensieve veehouderij nodig", Vleesvarkenshouder Aad van Leeuwen
De ondernemers achter het nog jonge DFS begonnen pas in 2017 in de mestverwerking. Ze bouwden eerst een proefinstallatie in Spanje. Nu willen ze hun concept uitrollen over Nederland, in de varkens- en rundveehouderij. Bedoeling is bij vier varkens- en twee rundveebedrijven te beginnen. Daar doet TNO een jaar rond metingen, waarvan de resultaten moeten helpen de vergunningverlening van volgende projecten te vergemakkelijken.

Drijfmest snel verwerken Omdat ammoniak vooral ontstaat als urine en mest samenkomen, is een belangrijke eerste stap: drijfmest zo snel mogelijk uit de stal naar de mestscheider. De gemiddelde verblijftijd van de mest in de mestkelder vermindert bij Van Leeuwen van drie weken nu naar straks minder dan een week.

De bestemming van de dikke fractie is nog niet bekend, aldus Arjan van Leeuwen. “Dat hangt af van waar vraag naar is. Wie weet gaan we wel korrels voor China maken.” De verwerking van de dunne fractie – waar 80% van de stikstof uit de drijfmest in terechtkomt – is hoofdzakelijk ‘biologisch’, ofwel met behulp van micro-organismen. Deze verwerking bestaat uit verschillende stappen, waarbij ook belucht wordt. Op dat moment vindt denitrificatie plaats. De stikstof ontsnapt dan als niet-reactief stikstofgas naar de buitenlucht.

Omgekeerde osmose en ultrafiltratie Aan het eind van het proces vinden omgekeerde osmose en ultrafiltratie plaats. De nog resterende zwevende deeltjes en de opgeloste mineralen zoals kalium worden er dan uitgehaald. Wat resteert zijn een (stikstofvrij!) mineralenconcentraat en loosbaar water. De verhouding (gewicht): 15% dikke fractie, 30% mineralenrijke oplossing en de rest loosbaar water (interactie met de atmosfeer niet meegerekend).
Ruim de helft van het oorspronkelijke volume blijft dus over als loosbaar water. Van Leeuwen gaat dat deels gebruiken om de mestput te spoelen. Wat uiteindelijk als geloosd wordt, komt in de sloot naast het bedrijf terecht, en kan ofwel het grondwater aanvullen of misschien als beregeningswater dienen.

Lagere emissies De mestverwerking op het erf scheelt allereerst al veel (water)transport. Dat scheelt in verbruik van brandstof, en dus uitstoot van CO2 en NOx. De snelle verwerking van de drijfmest vermindert verder de vorming van methaangas, ammoniak en het broeikasgas lachgas in de mestput. Bijkomend voordeel is een betere luchtkwaliteit in de stal.

Veel mestverwerkingsinstallaties produceren ook biogas. Dat komt in dit verhaal niet voor. Van Leeuwen ziet er geen heil in. Hij heeft geen behoefte aan de restwarmte en ziet levering van groen gas niet zitten. Bovendien heb je voor rendabele vergisting ook meestal covergisting nodig en daar komt nogal wat bij kijken. Technisch gesproken kan dit systeem van mestverwerking wel samen met vergisting.

Stikstof uit de kringloop Er is ook een ‘maar’ aan dit concept. 80% van de stikstof in de drijfmest komt terecht in de dunne fractie, maar niet in het eindproduct terecht, zoals bij veel andere mestverwerkers. De stikstof verdwijnt naar de atmosfeer als stikstofgas (N2). Dat is weliswaar onschadelijk voor het milieu, maar deze stikstof is wel onttrokken aan de stikstofkringloop.

Voor de mestboekhouding van het bedrijf is dat overigens geen probleem. De fosfaat belandt voor het overgrote deel in de dikke fractie. De afvoer van stikstof naar de lucht in de vorm van N2 is volgens DFS geen probleem vanuit de regelgeving. Mestverwerkingsdeskundige Jan Pijnenburg van DLV beaamt dat, mits de administratie ten aanzien van de N2-afvoer naar de lucht goed op orde is, dit geen probleem hoeft te zijn. Hiertoe moet een een sluitende en controleerbare administratie gevoerd worden. Volgens hem is er in Nederland een tiental mestverwerkers die met beluchting werken.
Nieuw zakelijk model De kosten zijn volgens DFS als volgt. Nu is Van Leeuwen tot wel € 25 kwijt per kuub mest kwijt voor afzet en verwerking. Arjan van Leeuwen en DFS-directeur Oscar van Leeuwen zeggen dat straks die kosten onder € 15 kunnen blijven – € 5 voor de dikke fractie en € 9,50 voor de rest. Hierin zijn dan de afschrijving van de installatie, de kosten voor afzet van het mineralenconcentraat en de bijdrage voor DFS inbegrepen.

Het concept is niet alleen nieuw wat betreft procédé, maar ook op het gebied van financiering. De veehouder investeert in de mestopslag en neemt de scheiding van de drijfmest uit de stal in dikke en dunne fractie voor zijn rekening. Ook de afzet van de fosfaatrijke dikke fractie regelt de veehouder zelf. De bewerking van de dunne fractie gebeurt voor rekening van DFS volgens het eigen procedé. De veehouder betaalt hiervoor een bedrag per kuub dunne fractie die verwerkt wordt.
De totale investering bij maatschap Van Leeuwen in Nederweert bedraagt € 0,5 miljoen, deels bekostigd uit subsidie uit de stikstofgelden – vanwege de lagere emissies.

1.500 veehouders met DFS is 12% minder stikstofemissie De verwerker bij Van Leeuwen is de eerste van vier installaties van dit type die binnenkort verrijzen op varkenshouderijen. Ook twee rundveebedrijven in Nederland gaan deze mestverwerker neerzetten. DFS claimt dat 12% van de totale stikstofemissie van de veehouderij vermeden kan worden, als 1.500 veehouders zo’n installatie plaatsen.

Aad (65) en Arjan (37) van Leeuwen in Nederweert-Eind hebben een bedrijf met 10.000 vleesvarkens. Op 100 hectare verbouwen ze korrelmais voor de varkens. Het landgebruik rouleert met akkerbouwers in de omgeving. De maisteelt besteden ze uit aan de loonwerker, de zaaivoorbereiding doen ze wel zelf. De varkens zijn de hoofdtak. Mengvoer koopt Van Leeuwen amper. Ze mengen alles zelf vanuit los aangekochte voergrondstoffen en bijproducten – 21 verschillende. Ze voegen ook zeoliet toe aan het voer, wat de stikstofefficiëntie zou vergroten. De mest van Van Leeuwen gaat tot nu toe naar verwerker Merenstijn. Dat wordt straks anders, als de verwerking op het eigen bedrijf van start gaat.

Om bezoekers te ontvangen en mensen rond te leiden over het bedrijf en te vertellen over de varkenshouderij, is er een mooi uitgevoerde ontvangstruimte getiteld ‘Ons Boerenerf’. Aad van Leeuwen vertelt daar graag zijn verhaal aan mensen die de sector niet goed kennen: “Deze intensieve samenleving heeft intensieve veehouderij nodig”, is zijn boodschap. Hij doelt vooral op het nuttige gebruik van allerlei reststromen uit de voedingsmiddelenbranche. Hij is groot pleitbezorger van kringlooplandbouw. Zonnepanelen horen daar ook bij. Mestverwerking gebeurt tot nu toe op afstand, bij Merenstijn. Maar Van Leeuwen neemt ook dit liever in eigen hand. “Ik wilde het bedrijf niet overdragen aan mijn zoon voor het mestprobleem opgelost is”, verklaart hij.

Johan Oppewal chef redactie ondernemen, tijdschrift de Boerderij.